Grijze haren

De eerste grijze haren beginnen te verschijnen op mijn hoofd. Echt? Ja echt. Ik voel mezelf daar ook te jong voor, maar helaas de waarheid is hard. Helemaal als je in Uganda woont, waar iedereen er een handje van heeft om ook alles te benoemen. Keer op keer. Ik ben of dikker geworden, heb grijs haar, ben te veel afgevallen. Geen dag gaat er voorbij zonder ‘prachtig compliment’. Gelukkig is het slechts een constatering en bedoelt men er niks mee.

Als ik mijn moeder mag geloven, waren wij de oorzaak van haar grijze haren. Dus met meer dan 200 kinderen om me heen, werd het ook wel eens tijd dat ik de eerste zou ontwikkelen. Een van de kinderen die hier aan dan spreekwoordelijk ruimschoots aan bijgedragen heeft en tegelijkertijd mijn grote trots is: Christine.

Een jaar geleden werd ik ’s avonds uit bed getrommeld doordat Piet en Pita twee nieuwe kinderen gebracht hadden vanaf het politiebureau. Christine (ca. 15 jaar oud) en haar zoontje Mukisa (bijna 4 weken oud). Zij had nergens waar ze heen kon en of ik dus haar wilde helpen met de zorg voor haar zoontje. In eerste instantie vanuit de kliniek.

Aangezien niet duidelijk was hoelang ze zou blijven, was borstvoeding geven prioriteit nummer 1. Dit is het meest voedzame en hygienische voeding hier, kan overal toegepast worden, kost niks en bovenal draagt bij aan een goede bonding tussen moeder en kind. Het enige obstakel, Christine voelde hier helemaal, maar dan ook helemaal niks voor. Zij zat zelf niet lekker in haar vel, at en dronk slecht en voedde haar kind eigenlijk alleen als wij in de buurt waren. Het gevolg een zeer geirriteerde baby en vervolgens ook een nog rebelsere Christine.

We hebben heel wat gesprekken met haar gehad met en zonder maatschappelijk werkers erbij. Prachtige plannen en afspraken gemaakt. Ze zei ja en deed vervolgens nee. Soms voelde ik de grijze haren spontaan ontspringen. Maar uiteindelijk kijk ik ook met een grijns terug op het afgelopen jaar. Een jaar geleden kon ze haar zoontje niet zien of luchten. Hij was slechts een obstakel. Inmiddels komt ze iedere nieuwe ontwikkeling, van woordjes die die zegt tot de eerste stapjes vol trots over vertellen. EN ze heeft in dit jaar al het geld dat ze toegestopt kreeg van aunties gespaard en daarvan op zijn eerste verjaardag een taart gekocht. Om het los van de verjaardag in het kinderhuis apart met alle aunties die haar hebben geholpen in de zorg voor haar zoontje, te kunnen vieren.

IMG_2386Het mooiste nog van allemaal: nog niet zo heel lang geleden hadden we tijdelijk een andere tienermoeder. Ze was zelfs nog ietsje jonger en een nog grotere uitdaging. Om een lang verhaal kort te maken. Zij had luiers nodig voor haar dochtertje, aangezien ze pampers niet kon veroorloven. Echter had ze geen idee, hoe ze een luier kon maken. Ik had Christine verzocht om een paar luiers en een plastic naar mij te brengen in de kliniek, zodat ik haar dit kon leren. Echter het was druk in de kliniek en ik was dit helemaal vergeten. Eind van de dag, vroeg ik Christine nogmaals of ze een paar luiers wilde brengen. Wat bleek: ze had ze allang gebracht en was zelf al naar deze nieuwe moeder toegegaan om uitgebreid aan haar te laten zien hoe ze dit zelf kon doen.

Van een rebelse tienermoeder die niks van haar eigen kind wilde weten, is ze naar een lieve zorgzame trotse moeder overgegaan. Die niet eens alleen voor zichzelf zorgt, maar inmiddels ook niks liever doet dan anderen helpen en daarnaast ook nog steeds heerlijk rebels en een echte puber kan zijn.

With Christine and Mukisa

 

Dus vol trots moet ik toch maar concluderen dat ze mijn grijze haren waard is geweest.

Advertenties

Pay it forward

Twaalf kilometer blijft voor mij altijd een symbolische afstand. Zes jaar lang mocht ik dat met de fiets afleggen naar school. Met mooi weer was dat een feestje, gezellig kletsend op en neer. Heb er veel goede herinneringen aan overgehouden. In de winter of tijdens slecht weer leek het soms wel op kindermishandeling. Hoe konden ze ons nou een heel uur door dat rotweer op de fiets naar school sturen. Maar goed, ik heb het allemaal overleefd en er niks aan overgehouden.

Enkele weken geleden kregen we een vader met haar dochtertje in de kliniek. Zijn dochtertje was ernstig ondervoed. Hij bleek van een dorp een stuk verderop vandaan te komen. Het was ongeveer 2,5 uur lopen. Op poliklinische basis konden we het meisje behandelen en langzaam knapte ze op. Tijdens zijn tweede bezoek had hij iemand anders mee gebracht. Alhoewel hij in eerste instantie niet durfde te zeggen, dat hij haar had meegenomen. Een vrouw uit het dorp met ook een ondervoed kind. Wij waren er blij mee en hebben hem een compliment gegeven.

Toen durfde hij ook te vertellen, dat er nog veel meer kinderen in zijn dorp zijn die ondervoed zijn, maar dat de meeste de afstand te ver vonden. Geld voor transport was er niet. Samen met onze verpleegkundige Rachel, besloot ik om zelf eens te gaan kijken. Het was exact 12 kilometer over de zandweggetjes. Oftewel 24 kilometer op een dag lopen voor hem. 12 kilometer heen met ‘slechts alleen’ een kind op de arm, 12 kilometer terug met een kind en een tas vol plumpynut.

Bij ons eerste bezoekje hebben we kennisgemaakt met het dorpshoofd en de verpleegkundige in het regeringskliniekje daar. Zij werd dolenthousiast van de gedachte dat wij voorlichting wilden komen geven en de kinderen wilden screenen. Zij regelden de mobilisatie, wij zouden met onze spullen de week erop terug komen.

_6060093
De groep moeders met kinderen die zich al verzameld hadden.

Bij aankomst had zich al een groep moeders verzameld ondanks de regen. Het was een leuke middag, de mensen uit het dorp genoten van de voorlichting en wij genoten van de interactie die we met hen hadden. Het was een prachtig groen dorp, waarbij de meeste mensen leven van wat ze zelf in hun tuin verbouwen. Armoede is deels een probleem, maar veelal ligt het ook aan gebrek aan kennis wat kleine kinderen nodig hebben om goed te groeien. Een grote maaltijd is niet voldoende voor een baby. Ze eten zelf wel twee keer, alleen slaapt de baby dan al. Het kind ervoor wakker maken vonden ze een raar idee.

_6060091
Voorlichting in de kliniek van het dorp

Na de voorlichting en screening hadden we nog een paar huisbezoekjes op verzoek van de dezelfde man die ons meegenomen had naar het dorp. Een ging om een moeder en haar kind, allebei ondervoed en ze woonden te ver weg om te kunnen komen. Andere durfden vermoedelijk niet te komen, uit angst dat de rest van het dorp hun ondervoedde kind ziet.

img_3259.jpg
Ondervoedingsscreening m.b.v. de MUAC (mid upper arm circumference) tape. Rood betekent ernstig ondervoed.
_6060110
Zowel moeder als kind ondervoed, op de stoep van hun eigen huisje.

Het was een succesvolle dag. Toen wij de man die ons bracht bedankten voor zijn attentheid, was zijn antwoord: ‘Jullie hebben mij en mijn dochter zo goed geholpen, nu was het mijn beurt om anderen in mijn dorp te helpen. Als toch eens iedereen zo zou zijn, dan zou onze hulp hier al snel niet meer nodig zijn.

6060105.jpg
Zijn dochter ziet er veel beter uit, nu zorgt hij voor zijn dorp.

Het ‘feest’ der tweelingen

De afgelopen maanden hebben in het teken gestaan van kinderen met ondervoeding. Sinds het eind van 2017 zien we een enorme toename van het aantal kinderen met ondervoeding dat hulp nodig heeft. Het stukje voorlichting blijkt aan te slaan, steeds meer mensen herkennen het en sturen mensen vanuit de omliggende dorpen door naar ons in de kliniek.

Tegelijkertijd blijft het een strijd om mensen te overtuigen dat de conditie van hun kind op dat moment slechts een medisch probleem is en niet veroorzaakt door beheksing of andere culterele problemen.

IMG_1800
Nakato (links) en Babirye (rechts) met hun tante

Nakato en Babirye kwamen bij ons toen ze 1 jaar en 1 maand oud waren. Nakato woog nog geen 5 kg, Babirye net iets meer dan 5 kg. Bovendien waren ze ziek. Ze werden gebracht door hun tante, die sinds de geboorte voor hen zorgde nadat hun moeder was overleden bij de bevalling. De afgelopen weken stonden voor hen in het teken van ziekenhuisopnames. Van het ene ziekenhuis, naar het andere. We waren het derde ziekenhuis dat ze bezochten en ook hier kregen ze te horen dat de kinderen opgenomen moesten worden. Nakato was erg zwakjes, maar bij Babirye sloeg de speciale therapeutische voeding vanaf dag 1 goed aan.

Drie dagen later stond er een tante van de vaders kant van de familie op de stoep. Ze wilden de kinderen mee nemen. Ze hadden zich gerealiseerd dat ze een bepaalde traditie (Emikolo y’abalongo = het feest van de tweeling) nog niet voltooid hadden. Dit is een feest dat georganiseerd wordt als mensen een tweeling krijgen, waarbij allerlei rituelen plaatsvinden om de voorvaderen te eren aangezien een tweeling krijgen een ware zegen is. Men gelooft hier sterk dat als je dat niet volbrengt de voorouders je dan niet gunstig gezind zijn. Dit was dus ook de reden dat deze kinderen ziek waren. Met man en macht hebben we geprobeerd ze uit te leggen dat we dit veel vaker zien, zowel bij tweelingen als eenlingen en dat dit los staat van deze tradities. Maar zonder resultaat.

Daar gingen ze dan, Nakato en Babirye, weer terug met hun tante en nu nog dieper het dorp in. Ze beloofden ons de kinderen terug te brengen voor verdere behandeling als het ritueel volbracht was.

 

Een week later werden ze zowaar terug gebracht. Nakato nog iets zwakker dan voorheen, Babirye in dezelfde conditie. Voor Nakato volgde vele onderzoeken. Uiteindelijk bleek ze tuberculose (TB) te hebben. Ze was nog slechts 4,5 kg en kreeg haar melk door een sonde. De TB behandeling sloeg snel aan en ineens werd Nakato net zo vrolijk als haar zusje. Wilde ze weer spelen, dronk en at ze zelf. De tante ziet nu gelukkig ook in, dat het wel degelijk een medisch probleem was en zelfs de kant van de vader is erg dankbaar voor onze hulp.

_3039506

Een overwinning voor ons op alle fronten, een gezonde tweeling, een familie die meer vertrouwen krijgt in de medische geneeswijze in plaats van de culturele geneeswijzen en voor jullie. Want zonder jullie support, was er op dit moment geen therapeutische voeding geweest en hadden deze mensen nooit via de outreaches van het ondervoedingsprogramma gehoord.

IMG_2179
Zij blij, wij blij 🙂

 

Met Tamar op outreach

Ditmaal een blog geschreven door Steve en Sylvia, de voorzitter en secretaris uit het bestuur van The Rob Foundation. Mede dankzij hun werk in Nederland kunnen hier in Oeganda de outreaches voortgezet worden. Zij schreven een mooi verhaal hierover, dat ik graag met jullie wil delen.

Afgelopen zomer zijn wij, Steve (voorzitter van TRF) en Sylvia (secretaris), op bezoek geweest in Oeganda. Een heel bijzondere reis in een voor ons compleet andere wereld, waar we getuigen mochten zijn door met Tamar op outreach te gaan. Daar hebben we met eigen ogen kunnen zien wat TRF concreet inhoudt.

We gingen op reis met koffers vol kleding, medische hulpmiddelen en speelgoed. Daarnaast hadden we  veel vragen; maken we de goede keuzes en met bereiken we het gewenste effect, wat zijn mogelijke plannen voor de toekomst, wat kunnen we nog meer betekenen voor de mensen in de villages waar wij onze outreaches houden?
Aan het eind van onze reis gingen we terug naar Nederlandmet een hoofd vol onvergetelijke beelden, ingrijpende en mooie ervaringen en vele sprekende foto’s en film materiaal. Hiermee hopen we ons verhaal met jullie te delen.

Steve en Syl in Oeganda 1We waren natuurlijk benieuwd naar de outreaches, de kernactiviteit van TRF.  Dus zijn we met het medische team op stap te gaan. Een hele ervaring! Door een onverwachte hevige hoosbui, maakten we ons zorgen over het aantal mensen dat naar de outreach zou komen. Het team liet zich hier niet door in ieder geval niet afschrikken, dus na de ergste regen gingen we op pad. Al glibberend vond de wagen de weg naar het dorp dat we die dag zouden bezoeken. Onze komst was duidelijk aangekondigd; er hing een vlag op de plek waar het team die middag aan het werk zou gaan. Alle nodige spullen werden uit de wagen geladen en wezochten een droge plekvoor o.a. het voorlichtingsmateriaal, mappen met gegevens van voorgaande outreaches en medicatie.  Omdat het nog steeds niet droog was, bood een jonge vrouw ons aan om zolang bij haar te schuilen. Ons medische team vulde haar huis. Wat een gastvrijheid!Steve en Syl in Oeganda 2

Eenmaal buiten hadden we meer tijd om rond te kijken; een kip scharrelde op een vuilnisbelt, er waren weinig mensen op straat, het dorp was eigenlijk een zandweg vol kuilen met aan weerskanten een paar kleine hutjes, waarbij vaak de voorste ruimte dienst deed als werkplaats of winkeltje. De door de regen ontstane modderpoelen maakte de aanblik nog triester.

Ondertussen richtte ons team verschillende plekken in om haar activiteiten die middag te verrichten: twee stoelen voor Tamar en een verpleegkundige, die de kinderen controleerden op mogelijke ondervoeding, een ontwormingspil gaven en de allerkleinsten ook vitamine A.Steve en Syl in Oeganda 3

Op een andere plek werd de bloeddruk gemeten en kregen de mensen indien nodig advies. De derde plek was een muurtje waar de verloskundige haar plaats innam en mensen, vooral vrouwen, informeerde over ‘family-planning’. Alle gegevens werden genoteerd in de verschillende mappen.

Uit het niets kwamen meerdere kinderen naar deze controle en al snel ontstond er een rij, waar zij rustig hun beurt afwachtten. Slechts bij uitzondering was er een moeder bij aanwezig, meestal waren het ‘oudere’ broertjes of zusjes van vijf jaar of ouder, die de heel kleine kinderen uit het gezin op hun rug mee namen. Binnen korte tijd stonden de namen van zeventig kinderen imet de bijbehorende medische gegevens in de map.Steve en Syl in Oeganda 4

Het beeld van de tweede outreach was niet veel anders. Net als in de eerste village was er ook hier grote armoede, kinderen die eerder lompen dan kleding droegen. Bij één van hen bleek uit de screening dat er sprake was van ondervoeding. Er werd contact gezocht met de ouders van dit meisje van een jaar of twee. Haar oma kwam voor een gesprek met een verpleegkundige. Hierin werd samen de oorzaak en aanpak van de ondervoeding besproken en werd er een vervolgafspraak gemaakt.
Ondertussen zagen we om ons heen spelende kinderen die hun medicijnen al hadden gehad.Steve en Syl in Oeganda 6

Ze wilden ook erg graag door ons op de foto gezet worden en natuurlijk zichzelf terugzien. Wat een feest!

Steve en Syl in Oeganda 5Ondanks dat ook deze middag begon met regen, werd er toch voorlichting gegeven met als onderwerp: goede voeding. Foto’s van ondervoede kinderen gingen rond en zorgden voor vele gesprekjes tussen de deelnemers aan de voorlichting. De betrokkenheid van zowel moeders als vaders was bijzonder om te zien. Tijdens onze reis hebben we geprobeerd de Oegandese cultuur en de mensen iets beter te leren kennen. Zo kunnen wij ons denken over ondersteunende activiteiten beter af  stemmen op de vraag en mogelijkheden vanuit het land en de Oegandese mensen zelf. De hoofdvraag waarmee we op reis gingen– doen we de goede dingen? – kunnen we volmondig met ‘ja’ beantwoorden. We hebben met eigen ogen gezien dat TRF op de goede weg is. Met veel bewondering voor Tamar en het team. Hoe zij met beperkte middelen er toe doen! Deze reis heeft ons nog meer dan daarvoor laten inzien waartoe TRF in staat is. En ze ons tot inspiratie gebracht om na te denken over nieuwe projecten om bij te dragen aan de gezondheid en toekomst van deze kinderen in het prachtige Oeganda.

Terug in Nederland pak je je eigen leventje weer op, maar regelmatig gaan mijn gedachten naar de plekken waar we samen met Tamar en haar team op outreach waren. Beelden die we niet gauw zullen vergeten. Sterker nog, we koesteren ze omdat ze zo waardevol zijn.

 

%d bloggers liken dit: